dinsdag 29 september 2009
Maak je eigen zoekmachine - Ewoud Sanders
Hoe doe je dat?
Hier het evrslag van de lezing van Sanders waarin hij de stappen beschrijft, aangevuld met toevoegingen uit IP artikel [bron: http://tinyurl.com/ykoc7ze].
Ewoud Sanders maakt een eigen digitale bibliotheek in 7 stappen
Op 1 september organiseerde de opleiding Nederlands van de Universiteit Leiden een lezing door Ewoud Sanders getiteld: De reïncarnatie van het boek, in zeven stappen een eigen bibliotheek. Roos Goverde, Cora Pieffers en Simone Kortekaas waren er bij en maakten het volgende verslag.
Ewoud Sanders (bekend van vooral zijn column in het NRC over etymologie en aanverwante zaken) betoogt dat het voor taal- en letterkundigen en historici grote voordelen heeft om een eigen digitale bibliotheek te hebben, en dat het helemaal niet zo moeilijk is om zo’n digitale bibliotheek op je eigen pc aan te bouwen. Met relatief kleine investeringen zouden onderzoekers de kwaliteit van hun onderzoek enorm kunnen verbeteren. Hoe? Ewoud Sanders legt het, gelardeerd met veel voorbeelden van de voordelen, uit in zeven stappen:
Stap 1
Koop twee softwareprogramma’s, namelijk een professioneel indexeringsprogramma en een programma waarmee je pdf’s kunt maken en OCR-en .
Stap 2
Ga oogsten. Op internet (Digitale Bibliotheek Nederlandse Letterkunde (www.dbnl.org ), Google Books, Bibliografie van de Nederlandse Taal- en Literatuurwetenschap, Picarta, webpagina’s, etc), kijk wat op CD of DVD verschenen is, vraag pdf’s op bij uitgevers of andere bronnen.
Stap 3
Hernoem de documenten zodat je ze goed kunt sorteren (jaartal vooraan, soort publicatie of thema).
Stap 4
Maak thematische mappen.
Stap 5
Maak indexen aan, op het moederbestand of op (wisselende) deelselecties. Aanbevolen indexeringsprogramma (€120 per jaar): Isys Personal Edition [www.isys-search.com]. Daarmee kun je 200 bestandformaten doorzoeken (ook mail), zowel Boleaans als met * (fuzzy). Een x vervangt een willekeurig woord.
Stap 6
Voeg zo nodig handmatig metadata toe, die bruikbaar is voor je (toekomstig) onderzoek.
Stap 7
Ga zelf scannen. Koop een professionele scanner, snijdt de rug van je boeken en scan wat je aan handboekerij in de kast had staan.
De digitale bibliotheek die je op deze wijze opbouwt bevat al snel veel meer tekst en woorden dan je op andere wijze bij elkaar kunt vergaren. Groot voordeel is dat je je bronnen kunt afperken en dat je voor je onderzoek flexibel deelsets van bronnen kunt maken, nieuwe bronnen toevoegen, beperken op een bepaalde periode etc. Je bepaalt zelf welke indexen je voor je onderzoek nodig hebt en indexeren van je bestand kost steeds maar een paar minuten.
Bij de lezing verscheen een mooi boekje waarin alles nog eens uitgelegd wordt, met veel voorbeelden, plaatjes en een CD met daarop een handleiding plus een deel van de taalkundige digitale bibliotheek die Ewoud Sanders zelf heeft opgebouwd (51 miljoen woorden). Dit boekje is aardig voor onze Utrechtse historici en taal- en letterkundigen en zal daarom worden afgeleverd bij de collega’s van de UBB voor mogelijke opname in de collectie van Geesteswetenschappen.
Wat wij hier van leren als bibliotheekmedewerkers? Het is goed om te weten dat onderzoekers hun bronnenmateriaal graag ook zelf verzamelen en wat zij er dan zoal mee doen. En om die onderzoekers te faciliteren moeten we vooral doorgaan met het digitaal aanleveren van materiaal en ons nationaal en internationaal hard maken voor open access van alles wat digitaal beschikbaar is.
dinsdag 22 september 2009
23dingen: Bibliotheek en web 2.0
Wordt veel over geschreven, o.m.
http://bibliotheek20.ning.com/
http://www.no33.nl/archief/blog01/
Check de blogs!
Wat zegt IP 10/2008?
- werk aan upgraden personeel
- niet iedereen is meteen enthousiast: laat het web 2.0 virus zich verspreiden via de best users
- teambuilding: feedback leveren en samen ergens aan werken wordt makkelijker
- maak het iets gemeenschappelijks
- ook altijd toepassing in dagelijkse praktijk (niet alleen professioneel gebruik)
woensdag 9 september 2009
Kanaalkeuze: info via web of toch maar bellen?
Wat beweegt burgers om een bepaald kanaal te gebruiken en welke factoren bepalen die kanaalkeuze?
Uitkomsten:
- traditionele dienstverleningskanalen blijven populair, dit ondanks inzet overheid om aanbod via nieuwe kanalen te doen.
Oorzaken:
- websites (nog) niet goed georganiseerd
- website niet geschikt als vorm voor specifiek info-aanbod
- oude gewoonten inzake gebruik 'oude' kanalen veranderen langzaam. Dit wordt versterkt doordat websites te vaak veranderen om tot nieuwe gewoonte uit te groeien. Dus: verander je website niet te vaak! - Vier factoren bepalen kanaalkeuzestrategie:
- Vraagstuk: hoe ingewikkeld en helder?
- Kanaal. NB: websites niet geschikt om onzekerheid achter vraag te reduceren (helpdesk wel); waar vind ik de info op een website?; kon die vraag worden beantwoord via internet dan?
- Persoonlijk eigenschappen: o.m. opleiding en leeftijd bepalen digitale vaardigheden. Goede zoekvraag en zoektermen definiëren is moeilijk.
- Situationele context: afstand, tijd, emotie
Conclusies:
Gedrag achter kanaalkeuze is complex en grillig. Gewoontes en inspanningsminimalisering zijn belangrijke gedragsfactoren. Alleen met kanaalsturing, afleren gewoontes en heldere communicatie over mogelijkheden internet bieden soelaas. NB: Open deur, maar er met worden geleverd wat de burger/gebruiker wil: vraaggestuurd.
Websites zijn vooral geschikt voor relatief simpele en vaakgebruikte diensten. Wordt het moeilijker, gebruik dan de helpdesk.
Bezie de afzonderlijke kanalen in hun samenhang! Welke vraag vang je waarmee af?
Wat kunnen wij hier mee?
- Introducties VluchtWeb meer basic en overige vragen afvangen door Helpdesk
- Meer communicatie over VluchtWeb: gebruik, zoeken, welke vragen worden beantwoord?
- Verander niet te vaak!
- Meer?
Meer info
Nederlandse samenvatting
Pieterson, W (2009), Channel Choice; Citizens’ Channel Behavior and Public Service Channel Strategy
Artikel IP 09/2009: Website, balie, telefoon of toch schriftelijk?
